Kom je buitenspelen?
‘Kom je nog?’, wordt er ongeduldig gevraagd. ‘Ja, maar’, zeg ik zachtjes. In mijn gedachten wil ik dit nog doen, dat dien ik nog te doen en die ene actie mag ik niet vergeten. Oh ja en ik moet nog spreken met die ene. Tijdsdruk. Nu even geen tijd om buiten te spelen.
